Bij een matroesjka – een Russische pop-in-pop-in-pop – moet ik denken aan de lagen waaruit mensen zijn opgebouwd.
Sommige van die lagen liggen aan de buitenkant, glanzend en zichtbaar. Profielfoto’s die overal in de ether zweven. Zorgvuldig opgepoetste hologrammen van onszelf, al dan niet met een laagje glow-up-filter.
Dan ons fysieke uiterlijk, zoals anderen dat mogen bekijken. Met onze mooiste kleren, haarstrikken, lippenstift en charmante schoenen die net niet lekker lopen. En onze harnasglimlach van ‘het gaat goed hoor!’.
Daarachter zitten de lagen waar niet iedereen bij mag. Ons gezicht zonder make-up. Onze littekens, onze betraande wangen, ons naakte lichaam, of hoe we eruit zien in onthullende lingerie.
En lagen die geen tastbare vorm hebben, maar die we toch leesbaar maken. Of per ongeluk laten doorschemeren. Meningen, ons morele kompas, en de overtuigingen die daar weer onder kunnen zitten. Over wat mag, hoe het hoort, wanneer het goed is. Ook die dragen we als kostuum in de wereld.
Onder dat morele harnas kan opvoeding of oude pijn zitten. Onrust. Onveiligheid. Gevoel dat geen kant op kan, en dat juist wil stromen wanneer het niet naar buiten mag.
Onder het zeer zit weer iets dat vrede heeft met zichzelf. Weet dat het altijd goed is. En misschien zit helemaal onderin onze eeuwige kern die, als we daarin geloven, helemaal niet stuk kan.
Dit blog maakt reizen door die lagen heen. Soms van buiten naar binnen, soms van binnen naar buiten. Zoals bij een matroesjkapop openen we laag na laag, op zoek naar het kleinste en meest kostbare deel.

Leave a comment